
Artikelen › Accordeon in hart en nieren
|
|
Column › Accordeon in hart en nieren
|
|
Geplaatst op: 27-01-2006 15:56 / Auteur: Verus / 631 keer bekeken
|
Elke zaterdag tegen sluitingstijd komt er een man het centrum van Arnhem binnengelopen - in zijn linkerhand een vouwstoeltje, in zijn rechter een accordeonkoffer - op weg naar zijn plekje, voor de deuren van de Marskramer. Daar aangekomen zet hij de accordeonkoffer op de grond, het vouwstoeltje wordt uitgeklapt, de man gaat zitten en…niks. De accordeon blijft in de koffer, de man wacht.
17:00 uur. De winkels gaan dicht, een drom van mensen verlaat in draf het centrum. Ze zijn als laatst de winkel uitgegaan, maar willen nu als eerste trein of bus binnenstappen. Ze zien de man zitten. Of ze in de gaten hebben dat naast de man een accordeonkoffer staat, ik betwijfel het. De man laat ze gaan en hij wacht. 17:10 uur. Een tweede drom mensen verlaat het centrum. Dit keer winkeliers, winkelbedienden, weekendhulpen. Allemaal op weg naar het begin van hun weekend. De man laat ze gaan en hij wacht.
Pas tegen 17:20 uur - als het centrum uitgestorven is - maakt hij de koffer open, neemt de accordeon op schoot en speelt. En de man speelt mooi, de man speelt zo mooi accordeon. Ik ken niet één van de nummers, maar herken elke melodie; Weemoedigheid, passie, melancholie, smart, verlangen, eenzaamheid. Hij speelt ze allemaal, voor donkere etalages, stalen rolluiken en lege straten.
Ik heb twee jaar bij Smits gewerkt, een schoenenzaak zo’n zes winkels voorbij de Marskramer. En twee jaar lang heb ik elke zaterdag rond sluitingstijd getreuzeld. Geholpen met het binnenhalen van de rekken, wat displays goed gezet, nog even een sigaretje roken in de kantine, een babbeltje maken met een andere treuzelaar. Nooit ben ik eerder dan 17:20 uur weggelopen. Nooit ben ik een zaterdagavond begonnen zonder accordeon-muziek. En elke keer als ik langs de Marskramer liep, voelde het heel even als ons moment. De man, zijn accordeon en ik.
Ik ben nooit stil blijven staan, heb nooit geld in de koffer gegooid. Dat was niet het doel van de koffer, noch de intentie van de man. Ik liep alleen wat langzamer dan normaal. En elke zaterdag als het moment voorbij was, en ook ik de busplaats opliep, keek ik even om. Man, vouwstoeltje, accordeon, lege koffer. En elke keer vroeg ik mij af: Is dat nu eenzaamheid of is dat nu geluk?
De man en ik hebben nooit een woord gewisseld, ik weet niet eens zijn naam. Toch ken ik hem goed, en ik hoop dat hij mij een beetje kent.
Tot zaterdag.
Verus Demens
|
|
|
|
|


Leden
|


Actieve topics
|


NP reacties
|


Linkpartners
|


Overige
|
|